http://netlog.com/DonFrodoFrédéric De VriesDe VriesFrédéricDonFrodohttp://nl.netlogstatic.com/p/tt/048/960/48960054.jpgBelgiëAntwerpen Profielpagina van DonFrodo

DonFrodo

Trust man - 37 jaar, Mechelen, België


RSS feed

Blog 3


  • Die ochtend in de krantenwinkel

    Die ochtend in de krantenwinkel
    Wissel ik het laatste nieuws
    Van de morgen voor een euro
    Die ochtend in de krantenwinkel
    Wikkel ik een foto van jou
    In het bedrukt papier hier

    Met mijn hand verkrampt om de krant
    Waar een broodschrijver de pols voelt
    Van de spraakmakers van gisteren
    Dansen kapitalen voor mijn ogen
    Anders dan jij diep vannacht
    In een ritme dat ik niet bevat

    In een paleis houdt een vorst
    Het been protocollair stijf
    In een woestijn ontploft een mens
    En de stukken raken mij niet
    Zoals jouw lenige onderrug mijn hand
    Voor jouw borsten gegoten

    Die ochtend geef ik mij
    Over aan de orde van de dag
    En vergeet ik hij en jij en nog 's hij
    Die ochtend versmelten feitjes
    Van gisteren met dromen van de nacht
    In een vuilnisbak aan de krantenwinkel

    (Omdat het vandaag Internationale Gedichtendag is.)

  • De tijd van de nacht

    Zoals de nacht de dag sluiert, snoert zij mij de mond
    Haar ogen spreken boekdelen en bevelen mijn handen
    Naar beneden op de tast verdwaal ik verlies ik
    Mijn zinnen na mijn woorden en zij leidt mij op de grond

    Mijn voeten ontaarden in die van haar en haar haar
    Kranst nu ook ook mijn gelaat en gelaten streelt het
    Mijn naakte schouders die nu een bekken torsen
    Een baken naar de haven en ik berg mijn waar

    Ongehoorde woorden vinden een echo in het duister
    Dat zij had doen vallen met een knip van haar hand
    En het nachtlampje naast dit bed waarin menig goed man
    Viel en daar nooit spijt van had en ik luister

    Met mijn hand op haar hart
    Zonder licht zie ik klaar
    De rode digits geven aan
    Hoe laat dromen vergaan

  • Maritieme lucht

    Wanneer de hemel zijn loden grijs met haar groen verzoent
    Ontwaart de dichter de doler op drift. Zijn kin geheven
    Met windkracht zeven die de regen striemt in zijn gezicht

    De zee stort haar golven op het vlakke land van zand
    Terwijl de dichter op haar metrum danst. De doler fier
    Op zijn pier diep in zee, een toren vurig aan land

    De loden lucht drinkt zwarte inkt en Luna sommeert
    Neptunus al die schuimbekkend en drietand in de hand
    Uit het water rijst, zijn zeemeermin de rug toekeert

    Dan dicht de doler, dan dwaalt de dichter
    Dan rijmen zij erbarmelijk maar dichter
    Waren geen twee dan zij aan zee